Zeven vragen over het vrouwencondoom

26 februari 2020
Het vrouwencondoom is een alternatief voor het mannencondoom. Het heeft dezelfde effectiviteit, waardoor vrouwen niet meer afhankelijk zijn van hun partner om zichzelf te beschermen tegen ongewenste zwangerschappen en seksueel overdraagbare aandoeningen.

Het vrouwencondoom is een anticonceptiemethode die niet alleen als anticonceptie werkt, maar ook beschermt tegen seksueel overdraagbare aandoeningen, net als het bekende condoom voor mannen. Er zijn een aantal dingen die je moet weten voordat je het uitprobeert.

Vragen over het vrouwencondoom

1. Hoe wordt het ingebracht?

Het vrouwelijke voortplantingssysteem

Het vrouwencondoom creëert een beschermende barrière van de vagina naar de baarmoederhals. Het bestaat uit twee ringen, een aan het gesloten uiteinde en een aan het open uiteinde van de condoom. Om het correct in te brengen, moet je de volgende stappen uitvoeren:

  • De binnenring moet over de baarmoederhals worden geplaatst. Om dit te doen, steek je het gesloten uiteinde in de vagina en duw je het totdat het de baarmoederhals bereikt.
  • De buitenste ring bedekt de vulva, daarom moet je deze niet in je vagina steken. Zorg ervoor dat het ongeveer een centimeter uitsteekt.

2. Hoe verwijder je het vrouwencondoom?

Om deze te verwijderen, moet je de buitenring zoeken, erin knijpen, buigen en voorzichtig trekken. Het is belangrijk om vrouwencondooms niet opnieuw te gebruiken; je moet elke keer dat je seks hebt een nieuwe gebruiken. Vergeet ook niet dat je ze niet door het toilet kunt gooien. Gooi ze in plaats daarvan in de prullenbak.

3. Voordelen van het vrouwencondoom

Het vrouwencondoom biedt een aantal voordelen, die we graag willen benadrukken. De belangrijkste van deze voordelen zijn onder andere dat het vrouwencondoom:

  • beschermt tegen seksueel overdraagbare aandoeningen.
  • beschermt tegen ongewenste zwangerschappen.
  • geen voorschrift vereist, maar vrij verkrijgbaar is bij drogisterijen en apotheken.
  • betaalbaar en gemakkelijk te vinden is.
  • zeer weinig bijwerkingen heeft omdat het een niet-hormonale anticonceptiemethode is.
  • vrouwen controle geeft over hun seksuele gezondheid, omdat ze niet afhankelijk zijn van mannelijke condooms en de bereidheid van de partner om dit te gebruiken.
  • geen erectie van de man vereist en je kunt het vrouwencondoom tot acht uur voordat je seks hebt plaatsen.
  • te gebruiken is tijdens je menstruatie en als je zwanger bent.
    gemakkelijk in te brengen en te verwijderen is.

Lees meer over seksueel overdraagbare aandoeningen:
11 meest voorkomende geslachtsziekten

4. Wat zijn de nadelen van het gebruik van het vrouwencondoom?

Glijmiddel gebruiken bij het vrouwencondoom

Hoewel het niet gebruikelijk is, kan het allergische reacties veroorzaken (zoals jeuk en zwelling). Het is echter gebruikelijker om een allergische reactie te krijgen op het gebruiken van een zogenaamd mannencondoom, dat van latex gemaakt is.

Er is geen direct contact tussen de penis en de vagina, daarom kan dit de stimulatie beïnvloeden. Om vaginale droogheid tijdens het penetreren te voorkomen, kun je glijmiddel gebruiken om je seksuele ervaring te verbeteren.

Tot slot kunnen er nog problemen optreden tijdens het gebruik van een vrouwencondoom. De belangrijkste problemen zijn onder andere:

  • het condoom kan scheuren.
  • de buitenring kan tijdens de geslachtsgemeenschap in de vagina glijden.
  • het vrouwencondoom kan uit de vagina glijden.

5. Wat is het verschil tussen mannelijke en vrouwelijke condooms?

In tegenstelling tot mannelijke condooms, die meestal gemaakt zijn van latex, zijn vrouwelijke condooms gemaakt van polyurethaan of nitril. Daarom kunnen vrouwen die allergisch zijn voor de componenten van mannelijke condooms deze condooms wel gebruiken.

Ze worden ook niet beïnvloed door vocht of temperatuurveranderingen, zoals in het geval van condooms voor mannen. Bovendien wordt het vrouwencondoom in plaats van over de penis geplaatst, in de vagina ingebracht.

6. Is het een geschikte anticonceptiemethode voor mij?

Het is belangrijk om je arts of gynaecoloog te bezoeken, zodat hij of zij je situatie kan beoordelen en de arts in overleg met jou de beste anticonceptie voor jouw specifieke geval kunnen bepalen.

Dankzij het feit dat er veel verschillende soorten anticonceptiemethoden beschikbaar zijn, kun je de beste vorm kiezen voor jouw behoeften en deze zo nodig wijzigen afhankelijk van de situatie. Toch moet je waarschijnlijk ook andere anticonceptiemethoden overwegen als je:

  • een vaste seksuele partner hebt en jullie regelmatig seks hebben. In dit geval kun je een anticonceptiemethode overwegen die niet elke keer moet worden geplaatst (spiraaltjes, anticonceptiepil) omdat het vrouwencondoom meer geschikt is voor incidentele seks.
  • gevoelig of allergisch voor nitril of polyurethaan bent.
  • moeite hebt met het inbrengen en correct plaatsen van het condoom.
  • anatomische afwijkingen hebt die de positionering van het vrouwencondoom verstoren.

Dit artikel kan je ook interesseren:
De waarheid over verschillende anticonceptiemethoden

7. Is het vrouwencondoom een effectieve anticonceptiemethode?

Een vrouw die een condoom uit de verpakking haalt

Bij correct gebruik zijn vrouwencondooms voor 95% effectief. De effectiviteit is net als bij een mannencondoom afhankelijk van correct gebruik. Als je elke keer dat je seks hebt het condoom gebruikt en correct inbrengt is er slechts 5% kans dat je zwanger raakt.

Helaas wordt niet altijd aan deze voorwaarden voor correct gebruik voldaan. Daardoor neemt de effectiviteit van het gebruik af tot 79%.

Als je meer bescherming nodig hebt, kun je vrouwelijke condooms gebruiken samen met de anticonceptiepil, een spiraaltje of anticonceptie-implantaten. Je moet het niet samen met een mannelijk condoom gebruiken, omdat de wrijving tussen de verschillende materialen het scheuren van beide condooms kan veroorzaken.

  • Lameiras-Fernández, M., Núñez-Mangana, A. M., Rodríguez-Castro, Y., & Bretón-López, J. (2007). Conocimiento y viabilidad de uso del preservativo femenino en jóvenes universitarios españoles. International Journal of Clinical and Health Psychology (Vol. 7). Retrieved from http://www.redalyc.org/articulo.oa?id=33770114
  • Navarrete, M. A., Salas, A., Palacios, L., Marín, J. F., Quiralte, J., & Florido, J. F. (2006). Alergia al látex. Farmacia Hospitalaria, 30(3), 177–186. https://doi.org/10.1016/S1130-6343(06)73969-1