Hoe kun je een neonatale infectie voorkomen?

24 oktober 2019
Preventie is de sleutel tot het voorkomen van een neonatale infectie zoals sepsis, die voor een baby dodelijk kan zijn.

Een neonatale infectie of sepsis is een ernstige aandoening die pasgeboren baby’s treft en die, als deze niet tijdig wordt behandeld, tot een tragisch resultaat kan leiden. Weet je waar we het over hebben?

Zo niet, lees dan verder om erachter te komen waarom dit kan gebeuren. We zullen ook iets uitleggen over hoe het voorkomen kan worden en wat de symptomen, diagnose en behandeling zijn.

Wat is een neonatale infectie?

Bacteriën in het bloed neonatale infectie

Een neonatale infectie, ook bekend als sepsis, is een bloedvergiftiging die bij pasgeborenen en bij baby’s jonger dan 90 dagen optreedt. Sepsis kan tijdens hun eerste week (early onset) of tussen 7 en 90 dagen na de geboorte (late onset) verschijnen.

In beide gevallen treedt sepsis op als gevolg van:

  • De aanwezigheid van bacteriën, zoals E. coli.
  • Bepaalde streptokokkenstammen (groep B – GBS).
  • Het herpes simplex-virus (HSV).

Een pasgeborene is vatbaarder voor infecties vanwege een gebrek aan rijping in zijn of haar immuunsysteem.

Early-onset neonatale infectie

Meestal treedt de aandoening op tussen de 24 en 48 uur na de geboorte van een baby. Dit komt omdat ze vlak voor ze worden geboren of tijdens de bevalling aan de bacteriën worden blootgesteld. De risicofactoren die de kans vergroten dat het kind aan sepsis lijdt, zijn:

Vroegtijdige geboorte

Als dit gebeurt, dan nemen de risico’s toe met:

  • De aanwezigheid van streptokokken uit groep B tijdens de zwangerschap.
  • Infectie van het vruchtwater en/of de placenta.

Lees ook:
Pre-eclampsie, een complicatie tijdens de zwangerschap

Late-onset neonatale infectie

In deze gevallen treedt de infectie kort na de bevalling op. Dit kan zijn, omdat de baby in het ziekenhuis moest blijven of omdat hij gedurende langere tijd een katheter in heeft gehad.

Preventie van een neonatale infectie

Moeder ligt naast pasgeboren baby

Zoals altijd is voorkomen beter dan genezen. Om deze reden zullen we de beste maatregelen noemen om een neonatale infectie te voorkomen. Let dus goed op.

1. Antibioticabehandeling voor de zwangere vrouw

Als de aanstaande moeder aan aandoeningen zoals chorioamnionitis (een infectie van het vruchtwater en de placenta) of groep B-streptococcus lijdt of als ze in het verleden van een baby met sepsis is bevallen, dan moet de moeder worden behandeld om vroegtijdige neonatale infectie te voorkomen.

Indien een zwangere vrouw een voortdurende infectie heeft, zoals bijvoorbeeld het herpes simplex-virus, dan moet ze ervoor worden behandeld. Waarschijnlijk zullen artsen een preventieve behandeling voor een zwangere vrouw aanbevelen om niet besmet te raken of enige vorm van infectie te ontwikkelen.

2. Ontsmetting van de geboorteplaats

Hygiëne op de plaats waar de baby wordt geboren is essentieel om bacteriën van een pasgeborene weg te houden. Houd er rekening mee dat baby’s tijdens de eerste maanden na de geboorte zeer kwetsbaar zijn.

3. Voorkom uitstel van geboorte na het breken van de vliezen

Wanneer de vliezen breken, dan moet de geboorte binnen de volgende 12 – 24 uur volgen om besmetting te voorkomen.

Lees ook:
Een keizersnede of vaginale bevalling: wat is beter?

Symptomen van een neonatale infectie

Huilende pasgeboren baby

Over het algemeen zijn preventieve maatregelen essentieel om het ontstaan van sepsis te voorkomen. Het is echter belangrijk om de volgende  symptomen te herkennen:

  • Delen van de babyhuid en sclera (het witte deel van de ogen) zijn geel, dit wordt geelzucht genoemd.
  • Verminderde beweging, gebrek aan energie en enthousiasme, zelfs tijdens borstvoeding.
  • Stuiptrekkingen.
  • Ademhalingsproblemen.
  • Trage hartslag.
  • Diarree en overgeven.
  • Laag bloedsuiker.
  • Een verhoging van de temperatuur.

Als je een van de bovenstaande symptomen of een andere aandoening opmerkt nadat je thuiskomt uit het ziekenhuis, dan moet je een kinderarts raadplegen. Schrik niet, dit is cooral een voorzorgsmaatregel om te zorgen dat alles in orde is.

Diagnose en behandeling

Baby wordt gecontroleerd op een neonatale infectie
De kinderarts zoekt naar de aanwezigheid van een van de hierboven beschreven symptomen. Hij neemt hoogstwaarschijnlijk monsters en stuurt deze naar het laboratorium voor analyse, zoals:

  • Een bloedtest waarvoor meestal een analyse van het C-reactieve eiwit (CRP), het aantal witte bloedcellen en een bloedkweek nodig is.
  • Ook kan een arts het hersenvocht willen onderzoeken om te bepalen of er bacteriën in het systeem van de baby aanwezig zijn. Als dat zo is, dan zal er een lumbale punctie worden uitgevoerd.
  • Bovendien kunnen culturen worden geanalyseerd van ontlasting, urine en zelfs huidmonsters.
  • Als er ademhalingsproblemen zijn dan moet er een diagnostische thoraxfoto worden gemaakt.
  • Ook vereist de behandeling voor zuigelingen jonger dan één maand die koorts of een ander teken van infectie hebben, onmiddellijke toediening van intraveneuze antibiotica. Zelfs voor een bevestigde diagnose wordt gesteld.
  • Als de moeder eerder een van de bovengenoemde infecties heeft gehad, moet de baby worden behandeld. Zelfs als deze geen symptomen heeft. Als de infectie wordt veroorzaakt door herpes, zal de arts waarschijnlijk een antiviraal medicijn voorschrijven.
  • Ten slotte, als de testresultaten normaal zijn, dan kan de baby mee naar huis. Regelmatige controle is echter belangrijk.

Neonatale infecties zijn zeer ernstig, omdat ze voor een baby dodelijk kunnen zijn. Om deze reden volgen artsen de zwangerschappen nauwlettend. Ze proberen sepsis te voorkomen en de veiligheid van een moeder en haar kind te waarborgen.

  • Committee on Infectious Diseases; Committee on Fetus and Newborn, Baker CJ, Byington CL, Polin RA.. Policy Statement: Recommendations for the Prevention of Perinatal Group B Streptococcal (GBS) Disease. Pediatrics. 2011;128(3):611-616. PMID: 21807694 www.ncbi.nlm.nih.gov/pubmed/21807694.
  • Baley JE, Gonzalez BE. Perinatal viral infections. In Martin RJ, Fanaroff AA, Walsh MC, eds. Fanaroff and Martin’s Neonatal-Perinatal Medicine. 10th ed. Philadelphia, PA: Elsevier Saunders; 2015:chap 57.
  • Leonard EG, Dobbs K. Postnatal bacterial infections. In Martin RJ, Fanaroff AA, Walsh MC, eds. Fanaroff and Martin’s Neonatal-Perinatal Medicine. 10th ed. Philadelphia, PA: Elsevier Saunders; 2015:chap 55.
  • Verani JR, McGee L, Schrag SJ; Division of Bacterial Diseases, National Center for Immunization and Respiratory Diseases, Centers for Disease Control and Prevention (CDC). Prevention of Perinatal Group B Streptococcal Disease, Revised Guidelines from CDC, 2010. Morbidity and Mortality Weekly Report. 2010;59(RR-10):1-36. PMID: 21088663 www.ncbi.nlm.nih.gov/pubmed/21088663.
    Ultima revisión 4/24/2017